Op de vleugels van een lied

lied 1Het is misschien niet gemakkelijk toe te geven, maar in ons alledaagse leven en in de loop der jaren stollen we in het algemeen heel langzaam binnen één duidelijke, welomschreven identiteit. We worden ‘in hokjes’ geplaatst, door anderen en ook door onszelf, met behulp van algemene definities. We zijn ‘man’ of ‘vrouw’; ‘vooruitstrevend’ of ‘conservatief’; ‘denkers’ of ‘doeners’; we zijn ‘moslim’, ‘christen’ of ‘jood’; we zijn ‘links’ of ‘rechts’.

Dat hoeft niet slecht te zijn. Deze definities kunnen ons een gevoel geven ergens bij te horen, een gevoel van identiteit, een gevoel van veiligheid ook. We horen ergens bij, staan niet alleen.

Maar er is ook een andere kant. Het gevaar is niet denkbeeldig dat we onszelf opsluiten of opgesloten worden in die definities, in die hokjes. Ons ermee vereenzelvigen. En dan gaat het fout.  Een mens valt niet samen met zijn al dan niet zelfgekozen hokje, maar is oneindig veel meer. Een definitie raakt nooit de kern van je bestaan.

Soms heb je dan de ogen van een ander nodig die jou laten zien wie je bent. Soms zijn dat de ogen van iemand die dingen in ons ziet, die we zelf liever niet willen zien. Soms ook ogen die in ons het goede en integere zien waarvan we misschien niet eens meer wisten dat we het in ons hadden.

Soms ook worden onze ogen geopend door een goed boek, door verhalen uit de bijbel, maar vaker nog door een lied.  Er komt dan binnen in ons iets in beweging.  Gestolde gesteenten verschuiven. Iets in ons verzacht als we worden aangeraakt door een verhaal, een lied waarin volheid van leven, soepelheid en innerlijke tegenstellingen schuilen.

Liederen als ‘Gij wacht op ons totdat wij opengaan voor u’, ‘Verdoofd en schamper van gemis’, ‘Van grond en vuur zult Gij ons maken’, ‘Die chaos schiep tot mensenland’, ‘Gods woord zo dikwijls afgeschreven’.

En dan kan het gebeuren dat we ineens een verre melodie op vangen, of een vergeten stem horen die onze naam roept. Plotseling borrelt de mogelijkheid van een ander bestaan in ons op. De mogelijkheid van een andere manier van zijn in deze wereld. En ook van een andere manier om onszelf te zien door de ogen van een verhaal, een lied. Rob Chrispijn heeft dat ooit heel mooi gezegd: Een lied geeft uiting aan een  gevoelsmatige samenhang van dingen, ervaringen die het verstand overstijgen.

Al zingend voelen we dat het lied in ons doorsijpelt, hoe een lied harde gesteenten in ons doet smelten en ons terugbrengt naar kern: de kern van hoe we bedoeld zijn. Dat is het moment dat niet wij het lied zingen, maar het lied in ons gaat zingen. Soms duurt dat misschien maar een ogenblik. Maar wat een geweldig gevoel ervaren we als we dan zingend voelen dat we even evenbeeld kunnen zijn van Hem, van Haar die leeft.

Kees Wijnen,

In licht gewijzigde vorm gezegd tijdens de viering rondom het 12 ½ jubileum van Wick Gispen als kerkmusicus van de Protestantse Gemeente Utrecht

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.