Herinneringen bij een Zaans klokje

zaans-klokjeIn mijn werkkamer hangt een Zaans klokje. Het reist al heel wat jaren met ons mee. We noemen het ‘het klokje van tante Klaaske’. Mijn tante Klaaske, de oudste zus van mijn moeder, is mijn vroegste verbinding met de stad Utrecht. In het begin van de zestiger jaren vertrok ze vanuit haar geboorteplaats Groningen naar die grote stad ver weg om daar directrice te worden van de Kleine Wartburg aan de Maliebaan, een klein bejaardenhuis voor zo’n 15 ouden van dagen, zoals ze toentertijd genoemd werden. Voor een meisje van het dorp, dat ik toen was, was dat best indrukwekkend: de grote stad Utrecht, de Domtoren, het grote huis met trappen en kelders, en vlak achter de tuin de frequent passerende treinen. Ik kan het me allemaal nog goed herinneren, ook al heb ik er maar twee of drie keer gelogeerd.

Toen ze de pensioengerechtigde leeftijd bereikte, of toen het huis sloot, ik weet dat niet meer precies, moest tante Klaaske verhuizen. Ze vond een leuk flatje voor zichzelf, jawel, in Overvecht! Aan de Haifadreef. En daar hebben we haar zeer regelmatig bezocht. Met het autootje vanuit het noorden dwars door het land naar Utrecht. Het was voor mijn vader, die de auto bestuurde, elke keer een hele onderneming. Als we eindelijk de Berenkuil bereikten, wisten we dat we er bijna waren. Nog even zoeken in de gribus van flats en ja hoor, tante Klaaske stond al voor het raam te wuiven, op vierde of vijfde verdieping. Met de lift omhoog naar een halletje met drie deuren en daarna een hartelijke ontvangst. We waren altijd meer dan welkom.
Later, toen ik regelmatig met de trein door Nederland reisde, was het passeren van station Utrecht een goede gelegenheid om tante Klaaske te bezoeken. Met de stadsbus naar Overvecht. Ik ben toen dus vlakbij de Johanneskerk geweest! Het is me destijds niet opgevallen. Ik lette er natuurlijk ook niet op. Maar ik vind het nu achteraf wel een heel leuk idee, dat ik op deze manier al vroeg in mijn leven iets had met Overvecht.

Tante Klaaske was zeer gelovig, Bijbelvast en gezagsgetrouw, maar wel van een andere denominatie. Ze was in de oorlog met het hele gezin mee vrijgemaakt gereformeerd geworden. Alleen mijn moeder was daarin niet meegegaan. Die was toen al getrouwd en verhuisd naar een dorp op het platteland. Ware het anders geweest dan was ik vast geen predikant geworden. Want een vrouw als dominee is ook op dit moment in de gereformeerde kerk vrijgemaakt nog steeds niet mogelijk.
Ik zal u besparen hoeveel verdriet die kerkscheuring in ons gezin teweeggebracht heeft en met name in het leven van mijn moeder, die haar familie zo nodig had en zich juist in het meest essentiële, haar geloof, niet aanvaard voelde. De tijd neemt helaas geen keer.

Wij in de Johanneskerk vieren deze maand het vijftigjarig bestaan van ons kerkgebouw. Wat heeft dat gebouw allemaal wel niet gezien en meegemaakt in al die jaren? Daar vallen veel verhalen over te vertellen en dat gaan we ook doen in het jubileumweekend van 4, 5 en 6 november.
Wat er voor mij, als redelijke nieuwkomer, uitspringt is zijn gastvrijheid. Het herbergde van meet af aan hervormden en gereformeerden en bracht ze al in een heel vroeg stadium tot elkaar. Geen fusie omwille van de centen, maar omdat men elkaar herkende als geloofsgenoten, geestverwanten. Toen kwamen de katholieken en ook zij vonden er onderdak. En weer later waren het de leden van de Stefanuskerk en vervolgens nog een flinke groep van de voormalige Centrumgemeente. En telkens opende het zijn deuren. Ik heb er nog niet zolang geleden ook al over geschreven, herinner ik me. Het raakt me kennelijk, dat samenkomen van stromingen en groepen. Zou het te maken hebben met die jeugdervaring van scheuring en scheiding? Het zou zomaar kunnen.
Het klokje van tante Klaaske is weer thuis is in Overvecht en tikt bij mij in de werkkamer stilletjes de uren weg. Het lijkt wel een symbool van de tijd die alle wonden heelt. Onlangs sprak ik na een viering in de Johanneskerk met een paar jonge mensen. Ze vertelden dat ze het leuk vonden om zo nu en dan eens een andere kerk te bezoeken. Een van hen bleek vrijgemaakt gereformeerd te zijn. ‘Nee, zoals het vroeger ging met al die oordelen over en weer, dat is niet meer zo, zeker niet bij de jongere generatie’, zei ze mij. En ze vond dat ze bij ons een mooie dienst had meegemaakt. Kijk, ook dat kan dus zomaar gebeuren in de Johanneskerk! Zo’n ontmoeting, zo’n gesprek.
Ik kijk naar het klokje van mijn inmiddels al weer heel wat jaren overleden tante en beloof haar dat ik er goed op zal passen. Ik vertel erbij dat datgene wat ons verbindt alles wat ons ooit gescheiden heeft, verre overstijgt en dan denk ik aan de Ene, de Eeuwige, die groter is dan wat dan ook.

Toos Wolters

Toos Wolters
gemeentepredikant

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.